Congres: Forum Standaardisatie 20 jaar - Standaarden, openheid en autonomie

Content

Het 20-jarig jubileum van Forum Standaardisatie was meer dan een feestelijke terugblik; het werd een dag vol scherpe inzichten over hoe we de greep op onze eigen digitale infrastructuur terugkrijgen. Want hoe zorgen we voor echte digitale autonomie en maken we open standaarden de vanzelfsprekende standaard?

Benieuwd naar de belangrijkste besprekingen, de hoogtepunten of wil je de sfeer van de dag herbeleven? We hebben alle terugblikken, foto's en materialen overzichtelijk voor je verzameld.

Aftermovie - Forum Standaardisatie - 20 jaar

00:00
00:00
Download video
Download audiodescriptie
Uitgeschreven tekst
Deze video blikt terug op het Congres Forum Standaardisatie.

(VROLIJKE MUZIEK)

Deelnemers ontvangen een naambatch bij aankomst.

DEELNEMER: "Super! Dank je wel."

De dag start met koffie en hapjes. De dagvoorzitter staat op het podium en richt zich tot de deelnemers.

DAGVOORZITTER: "Dank jullie wel en hartelijk welkom bij twintig jaar Forum Standaardisatie."

Larissa Zegveld, voorzitter Forum Standaardisatie, staat op het podium en richt zich tot de deelnemers. Vervolgens richt zij zich in een grote hal tot de camera.

LARISSA ZEGVELD (TEGEN DE DEELNEMERS): "Ik ben echt trots, maar we moeten ook nog wel een tandje erbij. En dat zit met name in het voldoen aan die standaarden."

LARISSA (TEGEN DE CAMERA): "Waarom het Forum Standaardisatie zo bijzonder is, is omdat het een organisatie is die eigenlijk zorgt dat wij in samenwerking, in gesprek met elkaar, tot open standaarden komen."

Marijn van Vliet, directeur Stichting Digitale Infrastructuur Nederland, staat in de hal en richt zich tot de camera.

MARIJN VAN VLIET: "Dat we het samen met overheid, wetenschappers, bedrijfsleven en maatschappij kunnen doen. Waar we echt tot stappen vooruit kunnen komen."

Op een mobiel wordt het programma geraadpleegd. Een spreker richt zich op het podium tot de deelnemers.

SPREKER: "Elke dag maken we een digitaliseringsbeslissing, dus elke dag kunnen we een autonome keuze maken."

Een panelgesprek op het podium.

PANELLID: "Ik denk dat het zowel voor die overheid, dat we daar complexiteitreductie moeten doen en dat dat vervolgens ook voor de markt betekent dat zij kunnen samenwerken."

Friso Penninga, directeur Geonovum, staat in de hal en richt zich tot de camera.

FRISO PENNINGA: "Standaarden zijn belangrijk omdat je daarmee afspreekt: hoe ga je samenwerken? Moet je dezelfde taal spreken? Moet je elkaar weten te vinden? En dat moet op een manier die veilig en verantwoord is."

MARIJN: "Juist voor het bedrijfsleven is het ontzettend belangrijk dat we een open internet houden. Dat overheden ook niet vastzitten aan één leverancier. Juist om niet alleen maar digitale monoculturen te hebben, maar echt een breed, levendig ecosysteem van bedrijven wat met elkaar kan concurreren, wat innovatief is."

Deelnemers spreken tussen de lezingen door met elkaar. Mathieu Paapst staat samen met de dagvoorzitter en een vrouw op het podium.

MATHIEU PAAPST: "Met dit boek hoop ik een bijdrage te leveren aan het creëren van nieuwe ruimte voor overheid, samenleving en markt. Vanuit die overtuiging bied ik u graag het eerste exemplaar aan van dit boek."

Mathieu overhandigt het boek 'Grip op digitale afhankelijkheid'. Montage van workshops, paneldiscussies en hun aandachtig publiek. De vrouw overhandigt een gouden apenbeeldje op het podium.

VROUW (TEGEN HET PUBLIEK): "De winnaar van de Gouden API 2026 is de Digitale Delta API."

FRISO (TEGEN DE CAMERA): "Ik hoop dat we met vijf jaar echt kunnen vieren dat de overheid op een veel modernere manier met standaarden omgaat. Dat we minder afhankelijk zijn van allerlei bigtechpartijen. Dat we makkelijker van leverancier kunnen wisselen. Maar vooral dat we ook makkelijker gegevens kunnen uitwisselen. Zodat die overheid echt als één overheid overkomt. En niet meer als verzameling van allemaal losse organisaties."

LARISSA (TEGEN DE CAMERA): "Wat vieren wij over vijf jaar? Dan zou ik echt bepleiten: standaardisatie by design. Dat is eigenlijk dat alle open standaarden op één plek te vinden zijn. Dus dat softwareontwikkelaars die makkelijk kunnen vinden. En dat ze die kunnen meenemen by design in nieuwe softwareontwikkeling. Dus programmeerbaar en testbaar."

De dagvoorzitter staat op het podium en richt zich tot de deelnemers.

DAGVOORZITTER: "Fijne middag nog even. Dag."

Hij zwaait naar de zaal.

(APPLAUS)

Beeldtekst:
www.forumstandaardisatie.nl

Het logo van Forum Standaardisatie, Standaard Samenwerken, verschijnt in beeld.

Notulen van de break-outsessies

Benieuwd naar de inhoud van de verschillende break-outsessies? De notulen zijn beschikbaar om terug te lezen.

Ronde 1

De sessie ging over de vraag hoe overheidsorganisaties bestaande digitale afhankelijkheden kunnen doorbreken en hun digitale handelingsvrijheid kunnen vergroten. Daarbij stond niet zozeer het ontstaan van vendor lock-in centraal, maar vooral de vendor break-out: hoe kan een organisatie vanuit een bestaande afhankelijkheid weer naar een meer open situatie bewegen?

Mathieu Paapst liet zien dat zo’n break-out meer vroeg dan alleen een technische migratie. Afhankelijkheden kunnen technologisch, financieel, juridisch en organisatorisch van aard zijn en moeten daarom in samenhang worden aangepakt. Een eerste stap is het in kaart brengen en beoordelen van die afhankelijkheden, waarna een gerichte strategie kan worden bepaald om ze te verminderen of weg te nemen.

De sessie plaatste vendor break-out vervolgens in het bredere perspectief van digitale autonomie en digitale soevereiniteit. Digitale soevereiniteit vereist dat organisaties in de praktijk voldoende autonoom kunnen handelen en daarbij niet worden gehinderd door lock-in. Tot slot werd besproken wat organisaties daar direct aan kunnen doen: ruimte bieden aan alternatieve leveranciers, open standaarden en open source-beleid intern verankeren en bij nieuwe keuzes vooraf rekening houden met toekomstige overstap- en exitmogelijkheden.

Conclusies & takeaways

  • Digitale autonomie vereist praktische handelingsvrijheid; bestaande afhankelijkheden kunnen die vrijheid beperken.
  •  Een vendor break-out vraagt om een integrale aanpak van technologische, financiële, juridische en organisatorische afhankelijkheden.
  • Het voorkomen van nieuwe lock-in begint bij de keuzes van vandaag: eerlijke kansen voor alternatieven, open standaarden, open source-beleid en aandacht voor toekomstige overstapbaarheid.

Sprekers: Lindy van de Westelaken, Peter Giskes, Jacco Brouwer, Victor Gevers, Nardin  Scharenburg 

De sessie stond in het teken van open source, standaarden en de ontwikkeling van een meer soevereine digitale werkomgeving voor de overheid. De sprekers benadrukten het belang van gezamenlijk optrekken, interoperabiliteit en het blijven zetten van concrete stappen in de digitalisering. Het belang van open source en standaarden binnen de Nederlandse digitaliseringsstrategie werd besproken. Bovendien werd de ontwikkeling van de Soevereine Werkomgeving toegelicht. SSC-ICT werkt aan een breed inzetbare werkomgeving met soevereine componenten, met als doel in 2029 een soevereine digitale werkomgeving aan te bieden. Samen met onder andere DICTU en Duo wordt er aan een rijksbreed raamwerk gewerkt. De ontwikkelde kennis en oplossingen worden via werkgroepen breder beschikbaar gesteld. Tevens ging men in op het belang van wendbaarheid en een collectieve aanpak van digitalisering, onder meer vanuit de Gemeentelijke Uitvoeringsstrategie voor de Cloud. Bovendien werd er toegelicht dat DAWO aan een interoperabel en digitaal autonoom fundament voor overheidswerkplekken werkt. Via code.overheid.nl worden componenten en documentatie beschikbaar gesteld.

Conclusies & takeaways 

• Digitalisering in het publieke domein organiseren we altijd onafhankelijk, dat zijn we verplicht aan de democratie en de maatschappij.

• In hoeverre is Europese samenwerking cruciaal voor de moderne, soevereine werkplek? Welke rol kan/moet Nederland pakken?

• Europa kan door meer samen te werken haar positie verder versterken. De vraag is daarom niet of we moeten samenwerken, maar hoe we die samenwerking kunnen versnellen.

Input vanuit het publiek 

Vanuit het publiek werd gevraagd waarom de ontwikkeling van de soevereine werkplek relatief lang duurt. Als vertragende factoren werden met name privacy-en securityvereisten genoemd. Bovendien werd het gebruik van ODF als onafhankelijk uitwisselformaat genoemd. De ervaringen met Pleio werden aangehaald als leerpunt: hoewel er veel open standaarden beschikbaar zijn, worden deze niet altijd breed toegepast. Deze ervaringen kunnen worden meegenomen om herhaling van vergelijkbare knelpunten te voorkomen. Tot slot werd gevraagd hoe medewerkers kunnen worden getraind in een nieuwe werkomgeving. De algemene conclusie was dat standaarden de overheid kunnen ondersteunen bij het realiseren van een meer open en onafhankelijke digitale werkomgeving. 

Doel van de sessie: Laten zien wat er mogelijk wordt als de praktijk van het vertalen van wet- en regelgeving naar de uitvoeringspraktijk gesystematiseerd wordt en vertalingen worden vastgelegd in gestandaardiseerde formats. Kan de uitvoeringsdruk van 342 gemeenten die dezelfde wetgeving moeten uitvoeren dan substantieel worden verlicht? 

Boodschap: Als we onze regels publiceren met open standaarden, zorg dan dat de standaarden in de executie ook het doel bereiken wat we beogen. Dat is een inhoudelijke vergelijking en herbruikbaarheid van regels over organisatiegrenzen heen.

Conclusies & takeaways

  • Forum helpt ons naast de standaard, ook met hoe dit in de executie wordt gevalideerd. Dus dat we die standaard in de praktijk ook niet anders kunnen invullen dan we afspreken zodat het altijd interoperabel is in de uitvoeringspraktijk" Een hulpvraag tot verdieping dus.
  • Beslislogica die wij uitvoerbaar maken met DMN. Die logica wil je valideren in je toegepaste logica, niet enkel technisch. Waar je van op aan kan is dat de regel altijd executeerbaar is. En die gaat bij de toetsing voorbij de implementatie en includeert de executie.
  • Open standaarden mogen een stap verder. Zeker voor wetgeving. Niet alleen techniek, maar werkt de standaard in de praktijk? Kunnen we regels gevalideerd inhoudelijk vergelijken en hergebruiken? Forum ook hier een hulpvraag.
  • Hoe kan het zijn dat we de niet open zijn over de grondslagen van onze besluiten. Hulpvraag aan het forum, help ons met de standaarden én de bereidwilligheid om dit open te maken?

Input vanuit het publiek

“Als je dit alles wilt bereiken, maak het dan een verantwoordelijkheid van de bestuurder. Zorg dat die zich beseft dat hij of zij eigenlijk al verantwoordelijk is. En dus denkt: ik als bestuurder ben verantwoordelijk voor openheid van de regels van mijn organisatie en de publicatie op mijn open toegankelijke website"

Universiteit HAN ging in gesprek met NEN, Universiteit Utrecht en Vrije Universiteit Brussel over hoe je invloed kunt uitoefenen over de lijn van Onderwijs en Wetenschap door een kijkje te bieden vanuit ieders perspectief. Want de aandacht voor standaardisatie in het Nederlands hoger onderwijs is momenteel te vrijblijvend en kwetsbaar, aldus het onderzoek van Forum Standaardisatie. En dat terwijl standaardisatie de basis vormt voor belangrijke technologische ontwikkelingen als quantum, AI en de energietransitie.

De geopolitiek dringt meer door in standaardisatie en vanwege het constitutionele karakter in Europa vermeerdert het belang van standaardisatie voor juristen. In het onderzoek van de Vrije Universiteit Brussel worden stakeholders uit diverse landen bevraagd hoe zij aankijken tegen soevereiniteit. Daarnaast wordt onderzocht welke gevolgen dit heeft voor de techniek achter het open internet. Wat tot nu toe opvalt is dat stakeholders techniek onderscheiden van regulering op standaardisatie.

Een belangrijke kans voor Nederland ligt in het actief inzetten van onderwijs en wetenschap. Denk aan het faciliteren van stageplekken, PHD-uitwisselingen, Summer schools, de inzet van het Pan Europees certificaat en een Nederlandse leerstoel bij Rotterdam School of Management. Zo kan Nederland een nieuwe generatie experts opleiden voor de strategische uitdagingen van de toekomst. En de huidige generatie beleidsmedewerkers meenemen in de transitie naar meer invloed in standaardisatie.

Conclusies & takeaways

  • Wie de kennis heeft zet de standaard (Olia Kanevskaia Whitaker)
  • Breng internationale kennis en kunde (wetenschap) in standaardisatie (Stephanie Teeuwen)
  • Geopolitiek heeft meer invloed gekregen op standaardisatie (Gertjan van den Akker)
  •  Deelnemers aan standaardisatie, zgn standaardisatisors, hebben intrinsieke motivatie. Dat is mooi, maar niet altijd goed. Standaarden zijn een middel geen doel op zich (Erwin Folmer)

Input vanuit het publiek

  • Het blijft moeilijk om in het onderwijs het curriculum aan te passen, dus zoeken we haakjes bijvoorbeeld met Digitale Autonomie (Hogeschool Utrecht)

Ronde 2

Gespreksleider: Tim Vos-Goedhart (Open State Foundation) (moderator en discussant)
Panelleden: Charlotte Bax (ENNOR), Jos van den Oever (Nlnet), Ted van der Togt (Koninklijke Bibliotheek), Tim Vos-Goedhart (Open State Foundation)

In deze sessie gingen vier panelleden Charlotte Bax (ENNOR), Jos van den Oever (Nlnet), Ted van der Togt (Koninklijke Bibliotheek), en Tim Vos-Goedhart (Open State Foundation) in op de vraag waarom open documentstandaarden/ bestandsformaten (zoals ODF, PDF, CSV of HTML) een onmisbare pijler zijn voor een open, toegankelijke en leveranciersonafhankelijke overheid, en waarom deze standaarden thuishoren op de bestuurlijke tafel.

De sessie opende met een vraag wie eigenlijk bepaalt hoe de overheid informatie publiceert. Vervolgens volgde een korte introductie van de keuzehulp Open Publiceren (online keuzehulp bij publiceren van overheidsinformatie).

Daarna volgden drie perspectieven op open en leveranciersonafhankelijk publiceren. Het eerste perspectief benaderde dit onderwerp vanuit het nastreven van digitale autonomie over de band van kantoor- en samenwerksoftware. Het gebruik van de open standaard ODF (bewerken van documenten, presentaties en spreadsheets) vermindert de afhankelijkheid van één leverancier waardoor de overheid documenten uit de leverancierscloud kan terughalen en zelf zeggenschap kan krijgen over overheidsinformatie. Deelname vanuit de overheid aan beheer en ontwikkeling van ODF is daarbij onontbeerlijk.

Het tweede perspectief keek naar de toegankelijkheid van overheidsinformatie (iedereen kan meedoen). Webstandaarden zoals HTML zijn daar uitermate geschikt voor. Het is van belang naar de hele uitgeefketen te kijken van overheid naar burger of van uitgever naar klant. En te publiceren op basis van doel waarvoor informatie dient, zoals vanuit een generieke, technische infrastructuur waarbij de gebruiker kan kiezen in welke open documentstandaard de gebruiker de informatie wil (downloaden en) lezen (of horen of voelen via braille).

Het derde perspectief wees op ecologische duurzaamheid van online publiceren via websites en webapplicaties. Impact is te maken via minder energieverbruik in de keten van opslag, dataverkeer en compute (rekenkracht). Er zijn nog weinig standaarden voor ecologische duurzaamheid: overheden kunnen hier een rol pakken. En niet onbelangrijk, duurzaamheid betekent een financiële prikkel: lichte en energiezuinige publicatieplatformen besparen kosten.

Conclusies & takeaways

  • Open publiceren begint niet op de werkplek met een knop 'Publiceren', maar bij beleidskeuzes.
  • De Nederlandse draalt al 20 jaar om ODF serieus op te pakken tegenover de marktdominatie van één leverancier.
  • Overheden en leveranciers samen moeten aan dezelfde tafel zitten als we onze overheidsinformatie digitoegankelijk voor iedereen willen aanbieden
  • Overheden kunnen het verschil maken: neem, net als bij digitoegankelijkheid, ook eisen voor duurzaamheid mee bij de inkoop en ontwikkeling van overheidswebsites en webapplicaties.

Input vanuit het publiek

Vraag uit zaal: en hoe staat het met de waarde van Markdown bij open en leveranciersonafhankelijk publiceren? Markdown is een lichtgewicht opmaaktaal op basis van platte tekst.

Antwoord panel: in de praktijk wordt Markdown veel gebruikt. De eenvoud van Markdown is erg aantrekkelijk. Omdat er erg veel ‘dialecten’ zijn van Markdown, is het standaardisatieproces lastig.

Deelnemers

  • Friso Penninga, directeur Geonovum, lid Forum Standaardisatie, Stuurgroep open standaarden (gespreksleider)
  • Harmen Willemse, SIKB [SIKB0101, SIKB0102]
  • Linda van den Brink, Geonovum [basisset Geo-standaarden]
  • Michiel Stornebrink, TNO [SETU]
  • Peter Haasnoot, Logius [Digikoppeling]
  • Robert Melskens, VNG [StUF]
  • Stas Mironov, Logius [NL Gov profile for Cloudevents]

Onder leiding van Friso Penninga vertelden de deelnemers wat de status ‘Pas toe of leg uit’ door de jaren heen hun beheerorganisaties heeft gebracht. Zo heeft het voor StUF geholpen bij het afdwingen van de inbouw van StUF in applicaties, waardoor gemeenten minder leveranciersafhankelijk zijn en besparen op kosten. Voor SETU draagt de status bij aan de erkenning en de zichtbaarheid van de standaard. Geonovum is ermee geholpen, omdat het helpt de adoptie van de Geo-standaarden te bevorderen. ‘Pas toe of leg uit’ dwingt helderheid over het nu en noodzaak van de standaard en een goed beheerproces af. Het laatste draagt bij aan het verkrijgen van het predicaat ‘Uitstekend beheer’ voor de standaard, zodat latere versies van de standaard sneller de status ‘Pas toe of leg uit’ kunnen krijgen.

De deelnemers verkenden ook de ontwikkelingen rond ‘Pas toe of leg uit in relatie tot digitale autonomie en soevereiniteit. Zo geldt voor NL Gov profile for Cloudevents dat deze standaard met het oog daarop al leveranciersonafhankelijk is ontworpen en ook dusdanig is door partijen geïmplementeerd waar je onafhankelijk van wilt zijn. Voor StUF geldt dat de wijze van beheer ook relevant is. Veel standaarden worden nu beheerd op GitHub, dat in eigendom is van een grote, wereldwijde ICT-dienstverlener. Een beweging naar Nederlandse of Europese online ontwikkel- en beheerplatformen, zoals code.overheid.nl, sluit aan bij het streven naar meer digitale autonomie.

En hoe blijft ‘Pas toe of leg uit’ relevant in een snel veranderende wereld? Als het gaat om het monitoren van het gebruik, kan voor Logius en SETU nadere ondersteuning helpen om het gebruik van hun standaarden beter in beeld te krijgen. Een goed beeld van het gebruik kan ook bijdragen aan betere handhaving van het ‘Pas toe of leg uit’-principe.

Conclusies & takeaways

De status ‘Pas toe of leg uit’ bevordert de adoptie van standaarden, versterkt de digitale autonomie, maar moet flexibeler en meer praktijkgericht worden. Het Forum kan hierin een sturende rol vervullen door bekendheid, samenhang en innovatie van en rond standaarden te bevorderen. ‘Pas toe of leg uit’ blijft dus onmisbaar, maar moet moderner en zichtbaarder worden om relevant te blijven.

Sprekers: Emiel Janssen, Willy Tadema, Isabel Barbera, Nelleke Groen

De sessie had als doel het belang van standaarden te bespreken. De sprekers benadrukten dat standaarden richting en houvast konden bieden bij de ontwikkeling en toepassing van AI. Aan de hand van kraanwater werd toegelicht hoe standaarden kunnen bijdragen aan vanzelfsprekend vertrouwen in de veiligheid en kwaliteit van producten en diensten. Voor AI ontbrak deze vanzelfsprekendheid nog. Het beoordelen van algoritmen werd als complex beschreven. Tadema noemde de Nederlandse Technische Afspraak (NTA) als voorbeeld van een initiatief dat erop was gericht het vertrouwen van de burgers te vergroten dat overheidsalgoritmen veilig zijn en niet discrimineren. Barbera benadrukte dat standaarden organisaties kunnen helpen verbeteren en richting kunnen geven. Wanneer Nederland invloed wil uitoefenen op standaarden, was het volgens haar van belang om actief aan de ontwikkelingstafel deel te nemen. Bovendien werd benadrukt dat bij de ontwikkeling van een standaard vanaf het begin aandacht moest worden besteed aan de toepassing en adoptie ervan. Kennis moet daarom niet alleen worden gepubliceerd, maar ook actief worden ingebracht in het standaardisatieproces. Groen ging in op de relatie tussen standaardisatie en wetgeving binnen de AI Act. Zij lichtte toe dat geharmoniseerde normen kunnen bijdragen aan juridische zekerheid: het toepassen van een relevante geharmoniseerde norm kan leiden tot een vermoeden van conformiteit met de wettelijke vereisten. Samenwerking tussen betrokken partijen is belangrijk om standaarden praktisch toepasbaar te maken. Het gezamenlijke doel binnen Europa is ook het bevorderen van verantwoorde AI.

Conclusies & takeaways 

• “Nederland is te afhankelijk van buitenlandse standaarden en technologie” (iedereen in het publiek was het hier mee eens)

• “Als we willen dat standaarden van morgen gebaseerd zijn op de beste kennis van vandaag, moeten wetenschappers niet alleen publiceren. We moeten ook aan tafel zitten.”

• ”Zonder deelname in standaardisatie geen valorisatie”

Input vanuit het publiek 

Het is moeilijk om als onafhankelijk onderzoeker mee te doen.  Big Tech heeft meer financiële middelen om beter mee te doen met standaardisatie. 

Ronde 3

De sessie De Soevereine Cloud: Voorbij de Hype ging over hoe de overheid regie kan nemen over eigen data en systemen. Het Waterschapshuis, SURF en de VNG Realisatie deelden hun perspectieven: autonomie is meer dan keuzevrijheid. Er moet verder worden nagedacht en geïnvesteerd in de richting waarnaar je wilt migreren. Het gezamenlijk optreden helpt bovendien om leveranciers mee te nemen naar de juiste richting. Wel hebben overheden uiteenlopende uitdagingen. De eerste stap is niet weglopen bij grote leveranciers, maar analyseren welke principes je wilt vasthouden. De NDS als bestuurlijk vehikel voor de realisatie van de transitie: door gezamenlijk richting en koers te bepalen, prioriteiten te stellen en focus aan te brengen. Open standaarden zijn hierbij cruciaal voor dataportabiliteit en interoperabiliteit in de cloud. Ze helpen vendor lock-in te voorkomen en ondersteunen een gezonde markt voor cloudplatforms en -diensten. Duidelijke beleidskaders, technische eisen en voldoende interne expertise zijn nodig om architecturen te beoordelen, migraties te plannen en compliance te waarborgen. Wat kan de Nederlandse overheid leren van de cloudsourcingstrategie van o.a. Nextcloud? De conclusie: open standaarden, samenwerking en gezamenlijk optrekken met betrokken partijen zijn essentieel om het speelveld rondom cloud gunstiger te maken.

Conclusies & takeaways

  • Autonomie is iets anders dan keuzevrijheid (Wladimir Mufty, SURF)
  • Wees koersvast, ben een voorspelbare opdrachtgever (Jacco Brouwer, VNG Realisatie)
  • Slimmer werken, meer samendoen vraagt om meer regie (Marjan Vogel, het Waterschapshuis)
  • Optimisme is een morele plicht (Nathan Ducastel, NDS)
  • Beperkt budget werkt ook als voordeel, het dwingt tot keuzes en samenwerken (Marjan Vogel, het Waterschapshuis)

Input vanuit het publiek

  • Tijdens de sessie zijn vier vragen gesteld. Enkele vragen gingen specifiek over de invloed die je zelf kunt hebben in een mogelijke cloud transitie. Zo werd gevraagd hoe je in het cloudvraagstuk met leveranciers om moet gaan, het antwoord was dat gezamenlijk optrekken (overheden) hierbij echt helpt. Ook werd gesignaleerd dat leveranciers zelf nu vaak aangeven te voldoen aan alle spelregels en open standaarden. Maar ook dat is uiteindelijk een beweging in de goede richting: het stimuleert leveranciers om hun aanbod verder te verbeteren en het speelveld gunstiger te maken.
  • Bij elk inkooptraject moet er een nerd aan tafel zitten (Michiel Lenaars).

Spreker: Pim Haselager 

Prof. dr. W.F.G. Haselager ging tijdens deze sessie in op de werking, beperkingen en gevolgen van AI, met bijzondere aandacht voor verantwoord gebruik. Hoewel AI steeds vaker wordt toegepast in werk- en privéleven, is de technologie nog niet altijd betrouwbaar. De toenemende complexiteit van AI-systemen kan bovendien de voorspelbaarheid en controleerbaarheid verminderen. 

Aan de hand van Deep Learning en Neural Networks legde Haselager uit hoe AI patronen leert herkennen tussen input en output. Hierdoor is het niet altijd duidelijk hoe een systeem tot een bepaalde uitkomst komt. Explainable AI kan hierbij helpen, bijvoorbeeld door middel van heatmaps die zichtbaar maken welke onderdelen van een afbeelding hebben bijgedragen aan een bepaalde activatie. Bovendien werden Generatieve AI en de werking van LLM’s besproken. Daarbij werd toegelicht dat deze systemen onder meer leren op basis van patronen en woordfrequenties. Haselager benadrukte dat fouten en zogenoemde hallucinaties informatie kunnen geven over de werking en beperkingen van AI-systemen. Een AI-systeem kan bijvoorbeeld overtuigende woordvolgordes produceren zonder dat daar noodzakelijkerwijs begrip of waarheidsvinding aan ten grondslag ligt. De vergelijking met een schaakcomputer maakte duidelijk dat AI geen gevoelens of eigen intenties heeft. Deze eigenschappen maken ook juridische verantwoordelijkheid complex. De Europese AI Act speelt hierop in door onder meer ‘effectief menselijk overzicht’ te vereisen bij bepaalde AI-systemen met een hoog risico.

Tot slot besprak Haselager de mogelijke gevolgen van toenemend AI-gebruik voor menselijke ontwikkeling. Wanneer mensen steeds meer cognitieve taken aan AI overlaten, gebruiken zij hun eigen denkvermogen mogelijk minder actief. Dit kan onder andere gevolgen hebben voor het onthouden, reproduceren en zelfstandig verwerken van informatie. Als voorbeeld werd genoemd dat studenten die AI gebruikten voor het schrijven van teksten moeite konden hebben om zelf onderdelen uit die teksten te reproduceren. 

Conclusies & takeaways

• “People worry that computers will get too smart and take over the world, but the real problem is that they are too stupid and they have already taken over the world.”

AI laat ons zien dat onze eigen “slimheid” misschien minder groot is dan we denken. Onze schaal van intelligentie is beperkt. Door de ontwikkeling van AI krijgen we meer inzicht in wat intelligentie kan betekenen en weten we nog niet wat de grenzen van intelligentie zijn. 

• De data op het internet verandert. Vroeger werd de meeste data op internet door mensen geproduceerd. Nu wordt steeds meer data door AI gegenereerd. Wanneer deze data vervolgens opnieuw als trainingsdata wordt gebruikt, ontstaat het risico dat AI op zijn eigen gegeneerde data gaat trainen. Dit roept vragen op over de kwaliteit van de data. 

• “Een wetenschappelijk onderzoeker moet voor een onderzoek op menselijk vlak volop toestemming vragen van ethische commissies. Echter, AI wordt nu op de wereld losgelaten en is in feite één groot experiment op wereldschaal. En dat kan gewoon?”

Sprekers: Tom Ootes (Developer.overheid.nl), Maurice Hendriks (Ministerie van VWS)

Maurice Hendriks gaf aan dat veel mensen open standaarden niet kennen of het belang ervan niet zien. Ook is de benodigde expertise niet overal aanwezig. Bij veel inkooptrajecten van VWS is er een gebrek aan expertise rond relevante kaders betrokken. Een validatietool bij standaarden, vergelijkbaar met internet.nl, kan helpen om te toetsen of standaarden daadwerkelijk worden toegepast.

Inkooptrajecten besteden wel veel aandacht aan informatiebeveiliging en privacy, maar de concrete toepassing van deze kaders blijft vaak onduidelijk. Het zijn veelal open normen. Maurice gaf als voorbeeld dat je een toekomstige leverancier open kunt vragen wat deze inhoudelijk doet met ISO 27001, in plaats van alleen te vragen naar certificering. Dit hielp een klein bedrijf om een aanbesteding te winnen, omdat kleinere bedrijven niet altijd de omzet hebben om een certificering te behalen. De vraag is dus niet alleen óf een leverancier compliant is, maar vooral hóé.

Tom Ootes wees op het ontbreken van developer tooling. De IHE-hackathon werd genoemd als kans om de hele stack op orde te krijgen.

Ook werd besproken dat standaarden buiten de lijst ‘Pas toe of leg uit’ (PTOLU) er nog slechter voorstaan. De nieuwe VWS-aanpak leidt volgens Maurice niet per se tot verbetering van de standaarden buiten die PTOLU-lijst. Tot slot werd gewezen op de schaarse expertise. Vanuit circa 70 aanbestedingen zijn er veel gelijksoortige trajecten; overheidsorganisaties kunnen hierin meer samenwerken.

Conclusies & takeaways

  • Een validatietool helpt om de toepassing van open standaarden daadwerkelijk te toetsen.
  • Vraag bij aanbestedingen niet alleen óf een leverancier compliant is, maar ook hóé.
  • Overheidsorganisaties kunnen meer samenwerken bij gelijksoortige aanbestedingen en zo schaarse expertise beter benutten.

Input vanuit het publiek

  • Er werd gevraagd hoe informatiebeveiligings- en datakaders beter kunnen worden uitgevraagd.
  • Er werd gevraagd hoe standaarden die niet op de PTOLU-lijst staan beter kunnen worden meegenomen.
  • Wout de Natris vroeg aandacht voor aansprakelijkheid bij ICT. Hierbij werd verwezen naar de richtlijn productaansprakelijkheid.

Opening

  • Best veel mensen in de zaal al op Mastodon / Fediverse
  • Sprekers: Floor Jas (SURF), Manfred Zielinski (MinBZK), Anne Joldersma (RVD), Michelle Blom (KNMI)

Manfred

  • 3 jaar geleden gestart met social.overheid.nl
  • Presentatie over wat Mastodon is en hoe het werkt
  • Meer dan 10.000 ActivityPub-servers in de Fediverse
  • Vraag: Zit de Minister President ook al op Mastodon? Bijv. NOS citeert soms berichten gepubliceerd op Twitter/X. Kort: Nee. Gaat Anne meer over vertellen

Michelle

  • Eerst breken Manfred en Anne de tent af (whiteboard valt om)
  • Presentatie: Waarom KNMI op Mastodon zit
  • Mastodon wordt aanvullend gebruikt, omdat het bereik nog niet groot genoeg is
  • 7k volgers op Mastodon
  • Meer inhoudelijke en betrokken reacties op berichten dan op andere kanalen

Vragen:

  • Op KNMI staat nog link naar YouTube, gaat dat naar PeerTube? Nog geen plannen voor, maar zou wel moeten
  • Wat zijn eerste verbeterpunten die je zijn opgevallen op Mastodon? Bereik is heel belangrijk, nog niet voldoende op Mastodon.
  • Big Tech biedt het bereik dat men graag wil, bij Mastodon of RSS-feeds is dat niet te achterhalen. Hoe zorg je ervoor dat men straks niet besluit dat dit niet voldoende draagvlak heeft en het weer sluit? Kan niet precies gemeten worden, maar het type reacties is echter/fijner/inhoudelijker en meer betrokken.

Anne

  • Presentatie: Social Media; een dilemmaopgave
  • Werkt samen met MinBZK om de betrouwbaarheid van socialmediaberichten te verbeteren, dus bereik staat niet op de eerste plaats. social.overheid.nl zou de bron moeten zijn
  • Alleen social.overheid.nl draagt nog niet voldoende bij

Vragen:

  • Kunnen overheden niet meer bijdragen aan dit socialmediaplatform? Financiën zijn een probleem, organisaties willen hier nog niet voldoende aan bijdragen. Taakstelling zit ook in de weg
  • Hoeveel geld wordt er uitgegeven aan Big Tech? 50.000 euro per jaar.
  • Kan daar 10% van naar Mastodon-adoptie? Nee.
  • Wat is de meerwaarde van Mastodon als de informatie al op rijksoverheid.nl oid staat? Maakt niet uit waar het staat. Als het maar een betrouwbaar platform is, dus overheidswebsite of social.overheid.nl. Websites zijn pull en niet push
  • Bezoekersaantallen gaan omlaag, men komt niet verder dan pagina 1 Google AI-resultaat. Daarom is het belangrijker om betrouwbare informatie beter toegankelijk te maken.

Stelling 1: Social berichten van de overheid moeten altijd ook op een open plek en met open standaarden gepubliceerd worden, zodat mensen ze zonder account, zonder tracking en zonder algoritme kunnen lezen.

  • Allemaal eens. Check!
  • Zou verstandig zijn om als overheid te investeren in 1 open standaard om daar alle betrouwbare informatie als eerste op te plaatsen. In een open standaardformaat, zodat alle andere platformen daarvan gebruik kunnen maken.
     

Stelling 2: De overheid heeft social media platforms met algoritmen juist nodig om doelgroepen goed te te bereiken.

  • Overheid moet juist niet van X en Facebook af, anders blijft daar alleen nep-informatie op rondgaan.
  • Anne / RVD is het nog eens. De algoritmen zijn (helaas) toch wel erg goed voor de bereikbaarheid van de berichten.
  • Ook iemand oneens; het algoritme is juist in het belang van de Big Tech-eigenaren en helemaal niet bevorderlijk voor betrouwbare informatie van onze overheid.
  • Beter om de focus te leggen op hoe je de betrouwbaarheid / echtheid van de informatie kunt aantonen dan op welk platform.
  • Veel Nederlanders weten Mastodon niet te vinden, maar zitten enkel op Facebook en X. Daarom blijft het belangrijk om ook op die platformen aanwezig te blijven.
  • Het “zogenaamde” bereik dat op de Big Tech-platforms is voor veel politici etc. blijvend interessant (meer bereik is meer invloed).

 

Stelling 3: Het is cruciaal dat communicatieprofessionals binnen de overheid durven te innoveren/experimenteren met andere dan de mainstream commerciële social media platformen en daarvoor voldoende ruimte krijgen.

  • Lastig. We hebben allemaal te maken met de taakstelling, dus investeren in socialmediakanalen staat onderaan de prioriteitenlijst.
  • Zijn er geen technieken om berichten in 1 keer overal tegelijk te publiceren, maar eerst alleen op Mastodon. Om de community langzaam te laten verplaatsen naar de open platforms.
    • Het zijn open standaarden, dus daarmee zou dit mogelijk moeten zijn.
    • Oproep aan allen om mee te doen op Mastodon!

Foto's

Bekijk de foto's van het congres en krijg een indruk van de verschillende momenten, sessies en ontmoetingen.

Documentatie-type